video
MANTELA


INHOUD VIDEO

In de eerste video wordt aandacht besteed aan: houding, techniek, basisklanken en ritme.

HOUDING

    1. Met je sterke hand bespeel je de Taurom. Neem de drumstok tussen duim en wijsvinger op ca. 5 cm van het einde.
    2. Belangrijk is dat je je stok losjes vasthoudt. Daarnaast is het van belang om zoveel mogelijk ‘vanuit je pols’ te spelen. Dat houdt in dat je je handen en polsen draait om de stok naar het vel te brengen. Je tilt dus niet heel je arm op, omdat dit ten koste gaat van je snelheid.
    3. Met de steunhand ga je door het lederen riempje. Zorg dat het riempje op maat is gespannen zodat je vlot kan bewegen met de Taurom.
    4. Tijdens het spelen kantel je de Taurom lichtjes om de 2 basisklanken te bespelen.

TECHNIEK

    1. Sla afwisselend in het midden van het drumvel en op de rand van de taurom.
    2. Zorg ervoor dat de drumstok terugveert.
    3. Variëer in toonsterkte: speel afwisselend luid (forte) en zacht (piano)

      KLANKWOORDEN EN NOTATIE

Voor de 2 basisklanken zijn er volgende klankwoorden en symbolen:

1.  DOEM:  midden van het vel

2. TAK: rand van de buis

Doem
Tak

DE TAUROM: MEMBRANOFOON OF IDIOFOON?


Membranofonen zijn muziekinstrumenten waarbij het trillende element  een gespannen vel (membraan) is.  Ze moeten worden gespannen over een romp, die in beginsel niet veel meer dan een hoepel hoeft te zijn (zoals bij een tamboerijn), maar in de praktijk gewoonlijk ook een diepte heeft, bijvoorbeeld in de vorm van een cilinder (zoals bij een trommel) of een halve bol (zoals de “ketel” van een pauk). Buiten de cilinder- en bolvorm zijn nog een groot aantal andere vormen mogelijk, waarvan we hier slechts de kegelvorm en de zandlopervorm noemen. Alle vier basisexcitatiemethoden — slaan, tokkelen, strijken en blazen — worden toegepast om de gespannen vellen van membranofonen tot klinken te brengen,

Het woord idiofoon betekent letterlijk “zelfklinkend” en verwijst naar het gegeven dat de trillende component, de oscillator, van instrumenten die zo worden aangeduid geen gebruik maakt van een resonator om het geluid aan de lucht over te brengen, maar zelf die functie vervult. Maar het instrument moet natuurlijk wel worden vastgehouden of in een raamwerk bevestigd of opgehangen zijn.


INHOUD VIDEO

Om dit unieke percussie-instrument te bespelen, moet je lange en korte geluiden maken door een drumstokje op en neer te bewegen langs de inkepingen om een schrapend geluid te creëren. De manier waarop je de stok beweegt, verandert ook het geluid dat de guiro voortbrengt. Je kunt  het tempo van een lied volgen door het stokje op en neer te bewegen. Je kan ook tikken op de zijkant van de mantela, wat een andere manier is om een doffe klank te creëren.

HOUDING EN BASISTECHNIEK

    1. Je kantelt de taurom lichtjes zodat de mantela gemakkelijk te bespelen valt
    2. Beweeg het stokje een aantal keer van boven naar beneden.
    3. Toonduur: Je merkt dat de snelheid waarmee je het stokje beweegt, bepalend is voor de toonduur.
      Ook is de lengte van het deel dat je bespeelt, bepalend.
    4. Variatie: je merkt door met je stok harder of zachter te drukken, dat je een wijziging krijgt in klank.

NOTATIE

Voor deze techniek zijn volgende symbolen voorzien:

  1. Neerwaartse beweging

 

 2. Opwaartse beweging

 

 3.Zijwaartse beweging

Mantelabeneden
Mantelaboven
Mantela

UITGELICHT : DE RASP OF GUIRO

Een guiro is een soort percussie-instrument, waarvan de geschiedenis onbekend is, maar men zegt dat het oorspronkelijk uit Afrika of Zuid-Amerika komt. Het is een kalebas uitgehold, gedroogd en met verf behandeld, zodat hij als instrument kan worden gebruikt. Aan één kant van de kalebas zitten inkepingen, en deze inkepingen worden bespeeld met een stok. Het geluid dat een guiro maakt wordt omschreven als een ratelgeluid: ruw, maar melodieus. Er zijn ook verschillende manieren om guiro te spelen, en in de loop der jaren hebben verschillende muzikanten hun eigen stijl ontwikkeld.

De guiro wordt gebruikt in Cubaanse, Puerto Ricaanse en andere soorten Latijns-Amerikaanse muziek. Dit instrument speelt een grote rol bij het creëren van het typische ritme van enkele van de belangrijkste genres zoals salsa, trova, en son.Om dit unieke percussie-instrument te bespelen, moet je lange en korte geluiden maken door een instrument op en neer over de inkepingen te bewegen om een ruw, schrapend geluid te creëren.

De meeste soorten muziek waarbij de guiro wordt gebruikt, hebben een opzwepend tempo. Gewoonlijk zingen en dansen muzikanten en zangers terwijl ze tegelijkertijd de guiro bespelen.

video

DE DANZON

De danzón is een Cubaans muziekgenre dat verbonden is met de nostalgie van oude emoties. In het verleden waren er optredens in bars en cafés van Havana waar het gebruikelijk was trio’s van pianisten met kleine percussieformaten te zien die “descargas” danzones en contradanzas speelden. Dit album is een soort eerbetoon aan dat universum van geluid met een unieke en eigentijdse stempel.

Enrique Lazaga  en de guiro

Enrique Lazaga Varona is de Cubaanse “güirero” met de grootste nationale en internationale erkenning. Hij is professor Cubaanse percussie en werd driemaal genomineerd voor de Grammy Award.

Danzon ‘Petit Flor’ van Ernán López-Nussa, uitgevoerd door de componist zelf, een van de grote pianovirtuozen in alle varianten van de Cubaanse populaire muziek, concertmuziek en jazz. Deze danzón, zonder af te wijken van de typische essentie van het genre,  heeft elementen van jazz, ragtime en blues,  Zij worden hier geïntegreerd in het danzonistische concept van deze getalenteerde componist-pianist. Het resultaat is een uitstekend stuk, met een zeer hoge interpretatie. Maestro Enrique Lazaga speelt guiror en we horen Ruy Adrián López Nussa op de cajón.

OVERZICHT VIDEOCLIPS

© 2022 Transit